Abu Talha Al-Maghribi

abu-talha

Het martelaarschap van Abu Talha Al-Maghribi

Abu Talha was een broeder waar je naar opkeek, een broeder met kennis en ervaring in de Jihad. Hij had in Khorasan (Afghanistan) gestreden en hij had daar vele wapens en strategiën bestudeerd. Desondanks bleef Abu Talha altijd nederig. Abu Talha was thuis te vinden of hij was op bezoek bij broeders om de broederschap te versterken. Als je hem buiten zag was hij altijd de eerste die vroeg hoe het met je ging, jouw situatie en jouw imaan. Daarop zou hij je uitnodigen om wat bij hem te eten, Abu Talha werd verdrietig als je hem afwees. Hij gaf erg veel om zijn broeders en hield veel van ze. Als je met een probleem zat zou hij er alles aan doen om dit voor je op te lossen. Het was een broeder die voor jou wenste wat hij voor zichzelf wenste. Zoals de Profeet SallAlahu Alayhi wa Salam heeft gezegd: “Niemand van jullie gelooft (werkelijk) totdat hij voor zijn broeder wenst wat hij voor zichzelf wenst.” (Saheeh Bukhari)

Sterker nog, Abu Talha plaatste het welzijn van anderen broeders op de eerste plaats en vond dit belangrijker dan zijn eigen welzijn. Het beste bewijs hiervan is dat hij zijn eigen leven opgeofferd heeft zodat anderen in veiligheid kunnen leven. Abu Talha heeft zijn leven als schild opgeofferd voor het Syrische volk. Dit deed hij niet om de dankbaarheid van mensen te verkrijgen, hij deed dit om de tevredenheid van Allah te bereiken. Zoals Allah subhanahu wa ta’ala zegt: “Jullie zullen nooit ware vroomheid bereiken totdat jullie weggeven van datgene wat jullie liefhebben.” (Ali-Imraan, 92) En wat heeft een persoon meer lief dan zijn eigen leven?

Abu Talha was ondanks zijn gastvrijheid en sociale omgang toch erg stil, hij zou nooit overbodig spreken. In een bijeenkomst zat hij altijd rustig dhikr te doen. Ik heb hem nog nooit betrapt op roddels of slechte woorden, hij zei alleen het goede. Zoals de Profeet zei: “Wie in Allah en de Laatste Dag gelooft, dient het goede te zeggen of te zwijgen. En wie in Allah en de Laatste Dag gelooft, dient zijn buurman goed te behandelen. En wie in Allah en de Laatste Dag gelooft, dient zijn gast te eren.” (Saheeh Bukhari)

Zo was er ook niemand die slecht sprak over Abu Talha. De mensen hielden van hem, het was een broeder die je altijd met een schijnend gezicht zou aantreffen. Hij had een gezicht vol Noor en een prachtige glimlach, in welke situatie hij zich ook bevond. Hij was ook zeer vrijgevig. Ik kan me nog herinneren dat we een keer met broeders aan het eten waren buiten en dat Abu Talha langskwam en even snel een broodje bestelde, waarop hij weer naar huis ging. Toen wij allemaal waren uitgegeten wilden wij afreken maar de cassiére zei dat die ene broeder alles al had betaald. Elke keer wanneer je in de winkel was met hem zou Abu Talha er alles aan doen om voor iedereen te betalen. Moge Allah het van hem accepteren en zijn goede daden een bescherming laten zijn tegen het Hellevuur, zoals de Profeet heeft gezegd: “Bescherm jezelf tegen het vuur, al is het door het weggeven van een halve dadel.” (Saheeh Bukhari)

Het was ook altijd prachtig om te zien hoe hij zich vol toewijding voorbereidde op aanvallen en Ribaat. Hij zou de beste voorbereidingen treffen die ik tot nu toe heb gezien in Syrie. Zoals Allah subhanahu wa ta’ala zegt: “En bereid voor wat jullie bezitten aan kracht.” (Al-Anfaal, 60) Zo liep hij altijd in de beste gevechtskleding en hij zou lang blijven doorzoeken naar betere gevechtskleding. Abu Talha had altijd het beste wapenmagazijn dat er te vinden was en één van de beste wapens. Daarnaast had hij altijd handige accessoires zoals verschillende kompassen en nog veel meer handige gadgets die goed van pas kwamen. Als ik met hem op Ribaat ging was het altijd weer een verassing wanneer hij een nieuwe gadget uit zijn tas zou pakken.

Ik kan me de dag nog goed herinneren dat Abu Talha gewond was geraakt. Een groep broeders en ik werden opgeroepen voor versterking in Sheikh Najjar. Daar ging ik langs een Ribaat positie waar Abu Talha ook zat. Ik hield hem op de hoogte van de aanval die onze eenheid zou verrichten in die avond. Het eerste wat Abu Talha deed was aan de Amir van deze Ribaat positie vragen of hij mee mocht vechten in deze aanval. De Amir gaf toestemming. De blijdschap was duidelijk te zien op het gezicht van Abu Talha, hij liet al zijn Ribaat spullen achter en haastte zich naar de auto met zijn kalashnikov en uitrusting. Later in de avond waren we onderweg naar het aanvalspunt. We kregen de opdracht om de nood-route van Bashar’s leger af te sluiten en een andere eenheid zou daar dan aanvallen. We gingen achter een muur staan die slechts 500 meter van de vijand af stond. De aanval was begonnen en wij begonnen te schieten met onze wapens. Abu Talha ging snel naar een goede schietplek zoeken. Toen wij het vuur hadden geopend zorgde dit ervoor dat zij ons terug beschoten. De kufaar begonnen gelijk met zwaar geschut op ons te vuren. Het geluid van de tanks was gelijk te horen. Het was duidelijk dat ze bang waren en er alles aan probeerde te doen om ons tegen te houden. Ze schoten met zwaar geschut op de dunne muur waar wij achter stonden. Dit deed Abu Talha echter niets, het maakte hem slechts standvastiger en sterker. We werden zelfs met een 23mm anti-luchtwapen beschoten, terwijl Abu Talha rustig achter een dikke boom dhirk zat te verrichten. Ik schuilde me achter wat rotsen vlakbij Abu Talha, hij stelde ons gerust en sprak ons moed in. Hij vertelde ons dat er niets zal gebeuren met de Wil van Allah.

Na veel heen en weer geschut werd de situatie wat rustiger. Het werd laat in de nacht en iedereen was uitgeput. De leider van onze eenheid koos ervoor om één persoon wacht te laten houden. Deze persoon werd om het half uur afgewisseld. Terwijl de rest kon uitrusten. De Amir hield het eerste half uur zelf wacht en na een half uur werd hij afgelost. Een broeder wisselde met de Amir. Na vijf minuutjes stond Abu Talha al weer op en vertelde de broeder dat hij kon gaan uitrusten, Abu Talha zou de wacht van hem overnemen. Abu Talha wou graag de wacht houden. De broeder wisselde af en ging rusten. Enkele minuten nadat Abu Talha het van hem had overgenomen begonnen de kufaar ons weer te beschieten.

We hoorde de harde knal van een tank, de tankgranaat was precies naast Abu Talha terecht gekomen SubhanAllah. Leeft Abu Talha nog? We gingen snel kijken; “Alhamdulilaah” zei Abu Talha. We tilden hem op de brancard en we moesten zeker een half uur tot uur teruglopen. Terwijl we hem terugbrachten toonde hij geen enkele zwakte. Hij zei: “Alhamdulilaah, mijn arm ligt eraf omwille van Allah.” Abu Talha was blij met deze beproeving en zei enkel: “Alhamdulilaah.” Hij had botbreuken opgelopen en door de granaatscherven waren er veel wonden op zijn armen en benen. Ondanks dit hoorde ik geen enkele au van hem! Hij dacht aan die beloofde dag. De Dag des Oordeels, waarop zijn wonden met Noor zouden schijnen in sha ‘Allah. Achteraf bleek dat zijn arm er niet af was gevallen maar zijn elleboog was los geraakt door een scherf, dit maakte Abu Talha erg blij. Wat was de reden voor deze blijdschap? Toen ik hem de volgende ochtend in het ziekenhuis bezocht en hem vroeg hoe het met zijn arm ging, antwoordde hij: “Alhamdulilaah ik kan mijn twee vingers bewegen, genoeg om een Kalasjnikov vast te houden en de Jihaad te blijven verrichten.” Zoveel liefde had hij voor de Jihaad!

In het ziekenhuis bezocht ik hem regelmatig en zoals altijd had hij nog steeds een brede glimlach op zijn gezicht. En had hij altijd koekjes en snoepjes klaar liggen voor zijn gasten, zelfs in deze situatie SubhanAllah. Allah beproefte hem in makkelijke en moeilijke tijden, zijn antwoord was altijd Alhamdulilaah. Na enkele weken was Abu Talha aan zijn verwondingen overleden.

Een dag nadat Allah hem In sha ‘Allah de Shahada had gegeven zag ik hem in een droom. Abu Talha lag op zijn ambulancebed als Shaheed. De ambulance stond voor onze basiskamp. We stonden op het punt om naar zijn begravenis te rijden waarop een aantal broeders zeiden: “Wacht we willen Abu Talha nog een laatste keer zien”. We wilden nog een laatste keer afscheid van hem nemen voordat we hem zouden begraven. Ik ging als laatste de ambulance in om afscheid te nemen. Ik keek naar Abu Talha en ik zag plots zijn ogen open gaan. Vervolgens zag ik hem zo breed glimlachen dat ik zijn kiezen kon zien. Ik was geschokkeerd, ik keek naar hem en hij leek net levend. Toen riep ik de broeders en zei: “Kijk het lijkt net alsof Abu Talha leeft!”. De broeders keken verbaasd en zeiden: “SubhanAllah!”. Abu Talha bleef naar mij glimlachen en plotseling rijkte hij zijn armen naar mij uit en omhelsde mij. Hierop werd ik wakker.

Zoals Allah zegt: “En denkt niet over degenen, die op Het Pad van Allah zijn gedood, dat zij gestorven zijn. Integendeel, zij zijn levend bij hun Heer, waar zij worden voorzien.” (Ali Imraan, vers 169)

Abu Talha heeft het Martelaarschap niet gratis en voor niets gekregen, hij heeft hiervoor moeten werken en hiernaar moeten streven. Hij heeft eerst de Hijra gedaan naar Somalië in 2009, maar hij werd onderweg gearresteerd in Kenia. Dit zag hij echter niet als excuus om thuis te blijven toen hij vrij kwam. In 2011 reisde hij al weer af naar Afghanistan en heeft daar enkele jaren gestreden. Maar zelfs hier bleef hij niet stil zitten! Hij zocht niet alleen een willekeurig strijdfront op. Nee, hij zocht het beste strijdfront op en vertrok richting As-Shaam in 2013. Dit zijn de verheven ambities die een ware Moslim horen te sieren. Een Moslim hoort nooit stil te zitten.

Zoals de Profeet SallAllahu Alayhi wa Selam heeft gezegd: “Allah houdt ervan dat wanneer jullie een daad verrichten dit met (het streven naar) perfectie wordt gedaan.” (At-Tabarani)

Één van de belangrijkste eigenschappen van een succesvol persoon is het hebben van een missie, een visie, een levensdoel. En de meest succesvolle persoon hoort de Moslim te zijn aangezien hij leeft met het ultieme doel voor ogen, namelijk streven naar het Paradijs. De Islam is een Religie van zingeving en moedigt de mensen aan om te allen tijde gedreven te zijn, dit is wat Abu Talha begreep.

Er is geen twijfel dat het leven een hele andere betekenis krijgt wanneer men een doel voor ogen heeft. Het leven is vermoeiend en zwaar wanneer een persoon nergens voor leeft. Vaak denken mensen dat zij een doel hebben maar de werkelijkheid getuigt anders. Hoeveel Moslims hebben ergens in hun achterhoofd het Paradijs als doel, maar wat zien we hiervan terug in de praktijk? Hoe wil jij het Paradijs bereiken als je niet bezig bent met het zoeken naar de middelen die dit mogelijk maken en geen voorbereiding hebt getroffen? Indien je naar het Paradijs streeft, welke stappen neem jij hier dan voor?

Toegewijde mensen zoeken naar alle mogelijke middelen om datgene te bereiken wat ze voor ogen hebben, opzoek naar datgene wat hun prestaties mogelijk zal maken en vergemakkelijken. De weg naar Allah is lang en vraagt om inspanning. Om daar te komen waar jij wenst te zijn moet er werk geleverd worden. Je kunt daar niet komen door constant te klagen over de lange afstand, zonder iets te ondernemen. De oplossing is dat je opstaat en hulp zoekt bij Allah. Gebruik alle mogelijke middelen die je bezit en vertrouw op Allah. En weet dat het leven van een Moslim uniek is: Hij zal niet falen in het streven naar succes, indien hij zich volledig inzet, zelfs al bereikt hij zijn doel fysiek niet! Elke inzet die de Moslim verricht zal niet verloren gaan. Zolang de intentie maar juist is; de inzet en inspanningen oprecht zijn; en de doelen nobel zijn. Allah oordeelt slechts over de intenties en de inspanningen en niet over de daadwerkelijke verwezenlijkingen. Want Allah is Degene die successen schenkt aan wie Hij wenst en wanneer Hij wenst. Wereldse successen kan Allah zelfs aan een kaafir schenken, dus deze successen zijn geen bewijs of garantie voor het feit dat jij goed hebt gehandeld of op het juiste pad zit.

De Profeet SallAllahu Alayhi wa Selam kwam terug van de slag Tabuk, en toen hij dichtbij Medina kwam zei hij: “In Medina zijn er mensen die met jullie waren elke keer als jullie een afstand aflegden of een vallei overstaken.” De metgezellen vroegen: “Oh Boodschapper van Allah, ook al zijn zij in Medina gebleven?”. De Profeet antwoordde: “Ook al zijn zij in Medina want zij zijn daar gebleven vanwege omstandigheden.” Ibn Hadjar Al-Asqalani zei: “Dit geeft aan dat men iets kan bereiken door middel van de intentie – welke degene die het verricht kan bereiken met zijn handelingen – omdat hij werd weerhouden van de daad vanwege omstandigheden.” (Saheeh Bukhari)

Zo had Abu Talha de beloning van een Mujahid in sha ‘Allah al bereikt voordat hij überhaupt de wapens op had gepakt en in Afghanistan en Syrië zou gaan strijden. Waarom? Abu Talha had zijn eerste bestemming Somalië fysiek niet bereikt maar in sha ‘Allah zal Allah zijn Jihaad daar echter accepteren alsof hij daadwerkelijk heeft gestreden! Omdat hij de intentie had om daar te strijden en dit vergezelde met de juiste inspanning. Wees dus niet ontmoedigd door de lange weg. Jij bent succesvol zelfs al faal je in het verwezenlijken van jouw missie. Jij zult bi idni ‘Allah hoe dan ook beloond worden voor jouw intentie en inspanningen. Dus wat heb je te verliezen?

Afsluitend vragen wij Allah subhanahu wa ta ‘ala om het gezin van Abu Talha te beschermen. Wij vragen Allah om hem genadig te zijn en hem te accepteren als Shaheed. Wij vragen Allah om ons samen met hem te verzamelen in Al-Djennah. Oh Allah begunstig ons met het martelaarschap en neem van onze bloed, en van onze bezittingen, en van onze inspanningen en opofferingen totdat U tevreden over ons bent.

Salaam alaykoum wa rahmatu’Allaahi wa barakatuh,
Jullie broeder Abu Fatima

Leave a Reply

Fill in your details below or click an icon to log in:

WordPress.com Logo

You are commenting using your WordPress.com account. Log Out / Change )

Twitter picture

You are commenting using your Twitter account. Log Out / Change )

Facebook photo

You are commenting using your Facebook account. Log Out / Change )

Google+ photo

You are commenting using your Google+ account. Log Out / Change )

Connecting to %s